StichteresZalige |
![]() |
|
Moeder van Afrika Op 19 okt. Wereldmissiezondag 1975, verklaarde Paus Paulus VI vier missionarissen zalig. Hieronder een vrouw uit het duitstalig gebied, een geboren Oostenrijkse met Poolse voorvaderen. Haar "wereldse" levenHet was Maria Theresia, oudste van negen kinderen van Graaf Anton Ledóchowski, een poolse edelman en Gravin Josefine uit het oude zwitserse geslacht Salis Zizers. In Loosdorf bij Melk in Oostenrijk kwam Maria Theresia op 29 april 1863 ter wereld.
Al vroeg bleek haar uitzonderlijke begaafdheid en schrijftalent. Het opgroeiende meisje kreeg een bij haar adelstand passende opleiding en vorming. Van vader leerde de intelligente dochter al gauw de poolse taal. Als ze 22 jaar is, wordt ze aangestoken door de toenmaals nog zeer moeilijk te bestrijden pokken. Ze overleeft ‘t maar haar gezicht blijft getekend door de littekens van de pokken die later wel wat wegtrokken. Haar vader echter door dezelfde ziekte besmet, overleeft het niet. De moeder, bezorgd om de toekomst van de vele kinderen, zoekt nu voor haar oudste dochter een passende betrekking. Zo wordt Maria Theresia hofdame bij de Groothertogin van Toscana in Salzburg. RoepingDan komt haar een boekje in handen waarin de Primaat van Afrika, Kardinaal Lavigerie, de Stichter van de Witte Paters en Zusters, zich ook tot vrouwen richt met de woorden: ‘Christelijke vrouwen van Europa, als God u een schrijftalent gegeven heeft, stel het dan in dienst van de missie, ter bevrijding van de Afrikaanse slaven’. Godgewijd levenVan het een komt het ander en het werk groeit haar boven het hoofd en is niet meer te verenigen met het hofleven met al zijn verplichtingen. In 1891 verlaat ze het hof, huurt een armzalig kamertje bij de Barmhartige Zusters in Salzburg en werkt drie jaar lang, helemaal alleen, voor de missie. Maar hoe meer ze zich geeft voor de zaak, hoe meer het groeit. Het wordt teveel voor één persoon en zo ontstaat bij haar het idee een missiegezelschap op te richten. Onderscheiden van andere missiegezelschappen is haar stichting in de eerste plaats als propaganda-vereniging gedacht en niet louter een organisatie om geld te verzamelen voor de missie. Ze noemt haar stichting naar de spaanse ‘Slaven-missionaris’, St. Petrus Claver (1580-1654), de ‘apostel van Cartagena’ in Columbië. Juist in haar tijd was hij heiligverklaard en tot patroon van de missie onder de negervolken uitgeroepen. Op 29 april (haar verjaardag) 1894 verkrijgt ze van Paus Leo XIII de goedkeuring voor de stichting van het Instituut. In mej. Melanie von Ernst vindt ze haar eerste medewerkster waarna spoedig meerdere volgen. Mede dankzij Melanie von Ernst rijpt het verlangen om naast leken ook een vaste kern van Godgewijden te hebben, die zich geheel ten dienste stelt van de missionerende Kerk. Ze schrijft haar Regel die in 1897 door Kardinaal Haller van Salzburg goedgekeurd wordt. En zo is de weg van een lekenvereniging naar een religieuze congregatie met Geloften voltrokken. Maria SorgZe vindt in de buurt van Salzburg een oude vervallen papierfabriek met bijbehorend land en een beekje. Met ongelooflijk organisatietalent en veel Godsvertrouwen wordt het hele boeltje omgetoverd in een klooster. Met haar ver vooruitziende blik koos ze deze plek met het beekje om zo (door het zogenaamde wittesteenkoolsysteem) een eigen elektriciteitsvoorziening te hebben voor haar geplande drukkerij om katechismussen en andere religieuze boeken in Afrikaanse talen te kunnen drukken voor de missionarissen. Het bijbehorende land kon verbouwd worden zodat de zusters een eigen voedselvoorziening hadden. En inderdaad, het is gegaan zoals ze het, door God geïnspireerd, gedacht had. In 1902 vinden de zusters een voorlopige woning in Rome en op 3 mei 1905 wordt de vaste zetel van de congregatie definitief naar de Via dell’Olmata in Rome verplaatst, waar vele missionarissen en ook Missie-bisschoppen haar bezoeken. Zelfgave tot het eindeTot het einde van haar leven toe blijft ze zich geven, haar krachten nemen echter steeds meer af. Het is 1922; naast haar bed hangt een kalender met nog verschillende afspraken en opdrachten zoals o.a.; juli treffen van de filiaalhouders, 3 en 4 augustus missiecongres in Einsiedeln… Maar zo ver zou het niet meer komen. Op 10 juni ontvangt ze op aanraden van de arts het sacrament van de ziekenzalving. |
||
